Beschrijving
IB VL 33 Vleermuis Inbouwkast
De IB VL 33 is de vernieuwde versie van de IB VL 12 en is verdeeld in drie compartimenten met een tussenruimte van 20 mm. Vleermuizen bereiken deze ruimtes via de inkruipopening en de doorgang in de tussenwand. De kast biedt geschikte verblijfsmogelijkheden als zomerverblijf, paarverblijf en – bij milde winters – ook als winterverblijfplaats.
Deze vleermuis inbouwsteen kan worden toegepast bij nieuwbouw of renovatie. Dit kunnen gemetselde gevels zijn maar ook voorzetgevels. De voorzijde van de inbouwsteen (met de sleuf) wordt gelijk met de voorzijde van de gevel geplaatst. De voorzijde kan ook iets teruggelegd worden zodat deze met steenstrips afgewerkt wordt. Hiermee zal alleen de inkruipopening zichtbaar blijven in de gevel.
Voor de plaatsing van deze inbouwsteen worden de kleine houtbetonnen blokjes aan de zijkanten verwijderd, wat eenvoudig kan worden uitgevoerd. De kast kan zowel links- als rechts geschakeld worden.
De kast voldoet aan alle eisen van het Bij12 Kennisdocument Gewone dwergvleermuis.
Modulair systeem
De IB VL 33 vleermuis inbouwkast kan zowel enkelvoudig of met meerdere IB VL 33 stenen zijdelings geschakeld worden ingebouwd. Daarnaast is het mogelijk om de kast in de spouw horizontaal te combineren met de IB VL 34, waardoor grotere verblijfsruimtes ontstaan met meerdere microklimaten. Hierdoor zijn bovendien minder inkruipopeningen zichtbaar in de gevel.

Geschikt voor diverse vleermuissoorten
De IB VL 33 Vleermuis inbouwkast wordt door verschillende soorten gebruikt, afhankelijk van de lokale populatie, toepassing en het seizoen:
- Paarverblijfplaats:
gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, kleine dwergvleermuis. - Zomerverblijfplaats:
gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, kleine dwergvleermuis, bij geschakelde toepassing (en/of gecombineerd met overliggende gevelkast) mogelijk ook geschikt voor meervleermuis of baardvleermuis. - Kraamverblijfplaats:
Bij geschakelde toepassing geschikt voor kraamverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en kleine dwergvleermuis. Indien geschakeld (en/of gecombineerd met overliggende gevelkast) mogelijk ook geschikt voor baardvleermuis. - Winterverblijf (milde winters, geen vorst):
gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, kleine dwergvleermuis. - Winterverblijfplaats (strenge vorst):
Wanneer geschakeld of gecombineerd met geïsoleerde gevelkasten mogelijk geschikt als winterverblijfplaats van gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis en kleine dwergvleermuis.
Opmerking: wanneer één inbouwsteen per locatie wordt toegepast, fungeert deze voornamelijk als zomer- of paarverblijf. Voor gebruik als kraamverblijfplaats dienen meerdere kasten (minimaal drie) geschakeld te worden, zodat een ruimere en meer gevarieerde leefruimte ontstaat.
Overzicht van de genoemde soorten met hun Latijnse namen:
Pipistrellus pipistrellus (gewone dwergvleermuis), Pipistrellus nathusii (ruige dwergvleermuis), Pipistrellus pygmaeus (kleine dwergvleermuis), Myotis dasycneme (meervleermuis), Myotis mystacinus (baardvleermuis).
Meer informatie over de verschillende vleermuissoorten vind je op Vleermuisnet.

























